Zoeken Contact Colofon

U bent nu hier:
 Print deze pagina

Metaal-op-metaal prothesen

DVD-animatie 1

Plaatsen totale heupprothese (gecementeerd)
DVD-animatie 2

Plaatsen totale heupprothese (ongecementeerd)
Welke problemen zijn er met de metaal-op-metaal prothesen?

Sinds 2011 is er veel aandacht voor heupprothesen met alleen een grote metalen kop (zonder steel) en een metalen kom. Deze is ontwikkeld voor patiënten jonger dan 65 jaar. Gezien de levensduur van een heupprothese (minimaal 10 jaar), bestaat bij hen de zorg dat het na één of twee opeenvolgende heupprothesen (revisieoperaties; heupwissels) erg lastig kan zijn een volgende vervanging uit te voeren.
Dit maakte de zogenoemde resurfacing heupprothese populair. Bij deze prothese plaatst de orthopedisch chirurg een metalen cup over de heupkop van de patiënt. Die cup zit als het ware als de bovenkant van een fietsbel over de gewrichtskop heen. De gewrichtskom is bij deze prothese een metalen cup. De prothese heet daarom ook wel metaal-op-metaal prothese.

  

Het voordeel is, dat er nauwelijks of geen beschadiging van de dijbeenhals optreedt. Er is namelijk minder botverlies. Zo blijft meer bot beschikbaar voor een eventuele revisie/vervanging. Hierdoor kan in de toekomst makkelijker meerdere keren een nieuwe heupprothese geplaatst worden.
In de praktijk zijn er veel patiënten met goede resultaten, maar de combinatie van een metalen kop en een metalen kom blijkt ook te kunnen leiden tot metaalslijtage. Hierbij komen heel kleine stukjes metaal vrij, metaalslijpsel. Dit slijpsel kan ontstekingsreacties geven in en rondom het heupgewricht.

  

Het is nog niet duidelijk bij welk percentage van de patiënten dit fenomeen voorkomt. Maar iedereen in Nederland die deze resurfacing prothese geplaatst heeft gekregen, is door zijn behandelend orthopeed opgeroepen voor een onderzoek.
Dit geldt ook voor de standaard totale heupprothese met de combinatie grote metalen kop in een metalen kom.

Tot onderzoek uitwijst dat metaal-op-metaal met zekerheid veilig is, raadt de NOV sinds januari 2012 het gebruik van metaal-op-metaalprothesen af.

Hoeveel mensen in Nederland hebben een metaal-op-metaal heupprothese gekregen?

Er zijn in Nederland naar schatting 10.000 metaal-op-metaal prothesen geïmplanteerd. Twee derde van deze prothesen betreft de resurfacing prothese. Een derde van deze prothesen is een prothese met grote kop.
Een aantal mensen is aan beide heupen geopereerd; het totaal aantal patiënten is rond de 9.000.

Hoe weet ik of ik een metaal-op-metaal prothese geplaatst heb gekregen?

Alle ziekenhuizen die metaal-op-metaal prothesen gebruikten, hebben de patiënten met zo’n prothese geïnformeerd.

Twijfelt u, of wilt u meer informatie, neem dan contact op met uw behandelend orthopedisch chirurg.

Ik heb een metaal-op-metaal prothese in mijn heup. Wat nu?

Alle ziekenhuizen die metaal-op-metaal prothesen gebruikten, hebben de patiënten met zo’n prothese geïnformeerd. U maakt met uw behandelend orthopedisch chirurg een afspraak voor een controle. Daarbij geeft u aan of u klachten hebt en uw bloed wordt onderzocht. Uit het bloedonderzoek wordt duidelijk of de prothese is gaan slijten en of daarbij metaaldeeltjes in uw lichaam zijn gekomen.
Hebt u klachten, dan overlegt u met uw orthopedisch chirurg over de vervolgstap.

Wat doet de NOV aan deze situatie?

De Nederlandse Orthopaedische Vereniging (NOV) heeft in kaart gebracht wat bekend is over de problemen met metaal-op-metaal heuprothesen. Daarbij keek de NOV naar de klachten van patiënten in Nederland, naar ervaringen in het buitenland en  naar uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek.

  

Op basis van deze informatie heeft de NOV haar leden geadviseerd geen metaal-op-metaal heuprothesen meer te gebruiken. De NOV heeft haar leden bovendien geadviseerd om hun patiënten te informeren en om mensen met een metaal-op-metaal heupprothese te onderzoeken en langere tijd te blijven volgen.

  

Dit advies heeft de NOV ook aan de andere Europese orthopedische verenigingen gepresenteerd.


Hier linkt u naar de relevante documenten:

Hoe kan het dat niet alle ziekenhuizen hetzelfde beleid hebben over metaal-op-metaal heupprothesen?

De NOV heeft alle informatie naar haar leden/de vakgroepen in de Nederlandse ziekenhuizen verzonden. De NOV heeft geen uitvoerende macht. Iedere beroepsbeoefenaar in Nederland heeft een eigen verantwoordelijkheid en verantwoordingsplicht. Alleen de Inspectie voor de Gezondheidszorg kan hier controle op uitoefenen. Het doel van de NOV-adviezen is om eenduidigheid te verkrijgen in de behandeling en controle.